Ingrediënten
Rasp de schil van de citroen en pers ‘em vervolgens uit tot je 50ml sap hebt. Klop de eieren los in een kom en voeg de citroensap, rasp, vanille extract en amandelmelk toe. Klop het geheel flink op en voeg dan het zout, spelt- en amandelmeel toe. Mix dit goed door elkaar.
Smelt de boter alvast in de koekenpan. Als de boter gesmolten is (laat het niet te heet worden) voeg je het aan het beslag toe en roer je alles nog even goed door. Schep een beslaglepel beslag in de pan en houd de pan schuin zodat het beslag mooi over de pan verdeelt en het een mooie dunne crêpe wordt. Laat de onderkant mooi goudbruin bakken alvorens je het pannenkoekje omdraait en de andere kant bruin bakt. Doe dit door de crêpe in de lucht omhoog te gooien want met een spatel breken ze vrij snel.
Serveer met geraspte chocolade (terwijl de crêpe nog warm is!) en een beetje gehakte nootjes naar smaak. Geen chocolade in huis? Ze zijn ook heerlijk met ahornsiroop. Voor circa 6 dunne crêpes.
Heb je geen amandelmelk in huis? Maak het heel makkelijk zelf: Laat 150g blanke amandelen een nachtje in water staan, of in ieder geval 6 uur lang. Dit is erg belangrijk voor het maken van een smakelijke, romige melk. Wanneer ze goed geweekt zijn, gooi je het water weg en spoel je de noten af. Doe de amandelen met 500 ml vers water in een sterke blender (voeg meer water toe als je de melk liever wat dunner wilt) en laat voor een aantal minuten draaien tot er een gladde melk ontstaat. Giet het mengsel boven een kom in een zeefdoek (ik gebruik deze) en vorm een reservoir door de uiteinden bijeen te houden. Laat vervolgens uitlekken en als het meeste vocht er uit is gelopen, knijp je met je handen de rest van het vocht er uit. Giet het mengsel in een schone glazen fles en bewaar in de koelkast. Je kunt de melk ongeveer een week bewaren.